KUNST EN CULTUUR ALS INSPIRATOR VAN INNOVATIE - Column van Jan van Ossenbruggen

Door de recente decentralisaties zijn gemeenten in een wervelende stroom van ontwikkelingen gekomen. Raadsleden worstelen met de vraag op welke wijze het hoofd kan worden geboden aan de veelheid van nieuwe opgelegde verantwoordelijkheden.

Op welke rol moet de nadruk worden gelegd: als volksvertegenwoordiger, op het vastleggen van kaders en hoofdlijnen van beleid of juist op het controleren van het college van B&W? De overheid streeft er naar om de samenleving te transformeren van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij. Maar op de vraag hoe moet worden omgegaan met actieve en goed geïnformeerde burgers en hoe vorm kan worden gegeven aan medezeggenschap en burgerparticipatie, ontbreekt een duidelijk antwoord. Gemeenteraadsleden hebben het druk met het controleren bij het efficiënt uitvoeren van het naar de gemeente overgehevelde regeringsbeleid. Er blijft steeds minder tijd over voor lokale kwesties en een stevig politiek debat over de toekomst van onze stad dreigt een zeldzaam verschijnsel te worden.

Het is dan ook begrijpelijk dat de burgers zich bij de lokale verkiezingen vooral laten leiden door hun landelijke politieke voorkeur. 

Een andere oorzaak van verwijdering tussen gemeenten en burgers is de oncontroleerbare regionale samenwerking. Niet de samenwerking is de oorzaak van de verwijdering, maar de wijze, waarop de taken binnen de regionale bestuursorganen worden uitgevoerd, roepen grote vraagtekens op. De recente problemen rond HVC zijn hier duidelijke voorbeelden van. Betekent dit dat de lokale democratie in verval is? Als het om geld gaat zit de lokale democratie duidelijk in de lift. De decentralisaties leveren het gemeentefonds zo’n 16 miljard Euro op, maar het is de vraag of dit voldoende is, om de uitgaven in het sociaal domein op te kunnen vangen. De regionale samenwerking neemt steeds grotere vormen aan en het praten en nadenken over deze vorm van samenwerking, gaat duidelijk de  richting op van een nieuwe lokale democratie. Urgente maatschappelijke vraagstukken zoals zorg, veiligheid, klimaat, leefbaarheid, energietransitie, infrastructuur en tal van andere lokale vraagstukken, vragen om integrale innovatieve oplossingen.

Om al deze veranderingen in goede banen te kunnen leiden groeit het belang van creativiteit en innovatie. Innovatie: politici en bestuurders hebben er de mond van vol. Toch vallen in de praktijk de innovatieve verrichtingen tegen. Politici slagen er nauwelijks in duidelijk te maken waar zij politiek gezien voor staan. Vernieuwing en creatieve ideeën komen niet van de grond, omdat ze worden gezien als obstakels, die de comfortabele routine doorbreken.

 Hier ligt een verbindingslijn tussen lokale politiek en kunst en cultuur.Gelukkig is de gedachte dat kunst en cultuur een linkse hobby is een achterhaald begrip geworden.  Kunst en cultuur zijn al eeuwen lang aanjager van vernieuwing en ook nu valt het innovatief vermogen van kunst en cultuur niet te onderschatten. Kunstprojecten zijn bij uitstek in staat om met creativiteit en inventiviteit te reageren op tal van maatschappelijke vraagstukken. Kunst en cultuur hebben niet alleen positieve uitwerking op het welbevinden van mensen, maar werkt ook positief bij dagbesteding binnen de zorg, helpt kwetsbare jongeren het zelfvertrouwen te vergroten, talenten te ontwikkelen en te begeleiden naar de arbeidsmarkt. Doel van vernieuwing is niet alleen een antwoord te vinden op de vele maatschappelijke uitdagingen waarvoor de gemeenten staan, maar vooral ook op de scherpere eisen die de burgers aan de lokale overheid stellen.

Wanneer de zittende en aspirant gemeenteraadsleden zich laten inspireren door de innovatieve kracht van kunst en cultuur, zal de gemeente een architect van innovatie en een broedplaats van vernieuwing kunnen worden.